Dat heb ik nou nooit

Olivier van Klaarbergen, Tessa Friedrich en Birgit Welink

Tessa Friedrich, Olivier van Klaarbergen en Birgit Welink

Een kort toneelstuk over de eenzame mens die zoekt naar een manier om zichzelf te laten zien zonder daarbij zichzelf te laten zien. Concept gezamenlijk ontwikkeld met studenten van de acteursopleiding HKU voor het samenwerkingsproject Klinkers.

 

FRAGMENT

A:
Maar. Heb jij dan nooit als je thuiskomt, het halletje instapt, geen andere schoenen, geen andere jassen, heb jij dan nooit dat allenige gevoel? Dat je weet: dit wordt weer een avondje met mezelf? En dat je dan heel uitgebreid voor jezelf gaat koken in de hoop dat je je daardoor betekenisvoller voelt, maar dat als die rijkversierde ovenschaal met geroosterde paprika en die pan met vers gebakken aardappeltjes eenmaal op tafel staan, dat je dan vergeten bent waarom je het verdient. Alsof alleen anderen het verdienen lekker te eten en jij jezelf moet straffen met magnetronmaaltijden omdat je weer alleen zit. Heb jij dat nooit?

B: (denkt na)
Nee.
Dat heb ik eigenlijk nooit nee.
Jij wel?

A:
Nee.
Nee ik ook niet.

Stilte.

A:
Of dat je echt ongelofelijk veel zin hebt om op een terrasje in de zon te zitten,
maar niemand die je kent heeft tijd om mee te gaan. Dus in plaats daarvan zoek je een-

B:
vrij bankje in de zon, koop je ergens een smoothie en gaat op dat bankje  zitten.

A:
Precies! En dan voel je je eigenlijk nog alleenigerder… alleeniger… all… voel je je nog meer alleen, omdat de mensen op straat je allemaal zien zitten en misschien wel denken: oh, die zit zeker op dat bankje omdat ze niet in haar eentje op een terrasje durft te gaan zitten.

B:
Niet omdat ze dat misschien denken. Dat denken ze!

A:
En dat je je dan dood schaamt.

B:
Precies! Dat zijn nou echt typisch van die dingen die ik eigenlijk nooit heb.

Stilte.

A:
Ik ook niet!

C:Olivier van Klaarbergen, Tessa Friedrich en Birgit Welink
Hoi.

B:
Oh hoi.

A:
Hoi.

C:
Doen jullie een soort spelletje?

B:
Of dat je kleren gaat kopen maar geen vrienden hebt om bij de kleedkamers met je mee te denken. Dat je allemaal mensen ziet die wel iemand bij zich hebben en dat jij je dan echt super kut en alleen voelt. Heb jij dat nooit?

A:
Nee. Ook al niet.

B:
Top. Ik ook niet.
Of dat je naar een nummer gaat luisteren op de bank en keihard gaat janken, maar dat je eigenlijk jankt om je eigen shit en dan dat nummer gebruikt als dekmantel.

A:
Oja! Alsof dat janken door de muziek komt.

B:
Afschuwelijk dat soort mensen.

A:
Ja echt stom.

B:
Ben je er nou nog?

C:
Eh ja. Hoi.

B:
Hoi?

A:
Wij waren eigenlijk een soort van in gesprek.

C:
Oh sorry.

A:
Geeft niet!
Maar misschien is het wel beter als je een soort van niet de hele tijd hier blijft staan. Want wij waren aan het praten dus.
Dan kan jij beter even…
Jij kunt zeg maar beter een soort van eigenlijk-

B:
Optiefen.

A:
Ze maakt een grapje.

C:
Oh ok.
Ik heb er ook één.

B:
Een grapje?

C:
Nee. Waar jullie het net over hadden.
Luister luister dit is echt een goeie.

 

14 september 2014

Klinkers 3 - 500