Het Aloë Vera avontuur

11 februari 2019

 

Ik heb een prachtig uit zijn voegen gegroeid Aloë Vera plantje in de vensterbank staan dat smeekt om verpot te worden. Hier heb ik nou eens echt zin in! Ik tel acht uitlopers die ik allemaal los wil snijden en op wil kweken. Aloe Vera’s zijn geweldig. Ze verzorgen je huid, ze zuiveren de lucht, ze versieren het huis, en ik heb écht even iets nodig waarbij ik mijn hoofd kan leegmaken en kan ontstressen.

Ik besluit dit project grondig doch praktisch aan te pakken en struin om te beginnen het internet af voor acht mooie potjes. Het makkelijkste lijkt me bol.com. Ik zie lelijke potten van 20 euro, mooie potjes van 40 euro, weinig potjes van 5 euro, en na een uur zoeken telt mijn winkelwagentje acht acceptabele potjes die bij elkaar 90 euro kosten. Dat is veel te veel geld. Ik verwijder ze allemaal uit de lijst, sluit de site en ben al bijna van plan de meeste plantjes weg te gooien of zelfs de hele onderneming te staken. Waar verkopen ze goedkopere potjes? Goedkope meubelwinkels! Blokker! Rommelwinkeltjes! De kringloop! Alles bij elkaar hoeven de potjes me maar 20 euro te kosten. Verheugd dat ik niet één uitloper hoef weg te gooien, ga ik meteen op pad.

De winkels hebben genoeg goedkope potjes. Maar ik loop alweer tegen een volgend probleem aan. Welke potjes zal ik nemen? Passen deze potjes wel goed bij elkaar? Moet ik allemaal dezelfde nemen? Is het stom om allemaal verschillende te hebben, behalve eentje waar ik er dan toch twee van heb? Hoe consequent moet ik zijn? Waar ga ik ze eigenlijk neerzetten? Heb ik eigenlijk wel ruimte? Waar ben ik eigenlijk aan begonnen? Ach fuck it ik koop gewoon allemaal potjes en ik zie het wel!

Niet geheel ontspannen maar wel met acht potjes, cactusaarde en kleikorrels voor de drainage (ik heb uitgebreid research gedaan) kom ik thuis. Ik zet alles op mijn vensterbank en wil er twee dagen niets van weten.

Op een ochtend begin ik mijn project. Ik schud de Aloë Vera uit de pot en heb mijn scherpe, steriele mes al klaarliggen, maar de aarde is zo hard en zit zo vastgekoekt aan de kluit en de wortels, dat ik totaal niet kan zien waar ik moet snijden en bij de eerste uitloper die ik onder handen neem, snij ik de kluit van de moederplant finaal doormidden. Dan zit ik met in mijn ene hand een gemolesteerde moederplant met nog zeven uitlopers eraan, en in mijn andere hand een uitloper met veel te veel wortels die eigenlijk bij de moederplant horen en die waarschijnlijk allemaal zullen wegrotten.

Ik ga even wat anders doen.

Als ik terugkom liggen de Aloë Vera moederplant, de uitloper, de losse aarde en de lege potten nog onberoerd op tafel. Ik heb mezelf er inmiddels van weten te overtuigen dat het teveel aan wortels waarschijnlijk afsterft, maar dat de uitloper nog best een kans heeft. Volgende. Ik heb gelezen dat je de uitlopers ook voorzichtig los kunt trekken van de moederplant en besluit om dat nu te proberen. Dit gaat zo verrassend makkelijk en doet zo weinig schade aan de kluit van de moederplant dat ik even niet weet of ik blij moet zijn of gefrustreerd dat ik dit niet meteen gedaan heb. Na me een minuut of wat apathisch over dit vraagstuk te hebben gebogen, ga ik verder met de andere jonge aloë vera’s. Ik leg ze één voor één op een rij voor me neer. Sommigen met eigen wortels, anderen zonder wortels, en dus die ene met die halve moederkluit eraan. Omdat ik speciaal op pad ben geweest voor acht potten, besluit ik ze allemaal te planten, ongeacht of ze zullen overleven.

Ik heb gelezen dat je ze eerst enkele dagen tot weken moet laten drogen voor je ze in de aarde stopt, omdat ze anders geïnfecteerd raken en van binnenuit wegrotten. Ik heb geen idee waar ik op moet baseren of mijn plantjes enkele dagen of juist weken nodig hebben om te drogen. Ik wil er ook niet over nadenken. Na drie dagen stop ik de plantjes in hun potten. Ik heb ook gelezen dat je ze in het begin nog geen water mag geven, ook weer om rotting te voorkomen en om de wortels tot rust te laten komen. Ook de moederplant met de halve kluit heb ik weer in de aarde gezet en ik denk dat vooral zij wel even rust nodig heeft.

Ik heb ook (iets te laat) gelezen dat je uitlopers in het voorjaar moet planten omdat ze in de winter geen wortels aanmaken en niet groeien. Buiten ligt nu sneeuw. Dus… Ik geef ze geen water en zet ze op de warmste plek in het huis zodat ze denken dat het lente is. Aan de zonkant, waar het nu nog bewolkt is, maar toch in het licht, en pal boven de verwarming. Ik wacht een paar dagen en pak dan met fris geforceerde moed mijn gieter erbij, want volgens de instructies moet de aarde uiteindelijk niet te nat, maar wel goed door en door vochtig zijn. Maar omdat ik niet meteen water gaf bij het oppotten en omdat de temperatuur vlak boven de verwarming ’s ochtends oploopt tot 40 graden, bevinden de plantjes zich nu in een brandende rotswoestijn met zulke massieve uitgedroogde grond dat er geen druppel vocht in doordringt.

Ik ga weer even wat anders doen.

Met het risico op wortelbeschadiging, infecties en rot poer ik met satéprikkers in de aarde. Ik maak smalle gangetjes helemaal tot onderin, waar het water doorheen kan lopen. In mijn blijdschap over deze oplossing giet ik overal teveel water in. Met trots en een trillend ooglid bekijk ik het tafereel van een afstandje. Negen potten, op twee vensterbanken, met nu nog zeer gezond ogende, diepgroene Aloë Vera baby’s en hun moeder, in kletsnatte aarde, met onderin kleikorrels voor de drainage.

Hopelijk gaat morgen de zon schijnen.